Een afgesloten hoofdstuk

Vandaag definitief afscheid genomen van de… zomer !
Er kunnen nog mooie dagen komen maar we moeten ons geen illusies maken dat we nog zomermeubilair  nodig hebben of parasols. Een lichte tuintafel had ik al afgebroken en binnengezet in het tuinhuis maar dan meer uit voorzorg toen storm Odette hier rond raasde. De tuinstoelen had ik toen in elkaar geschoven want anders zouden die gegarandeerd door de tuin zijn gevlogen. De zware houten tuinstoelen heb ik al jaren terug aan de oudste zoon gegeven. Zowel opa als ikzelf hadden  moeite om die te verzetten. Daarom kochten we lichte tuinstoelen. De ligzetels waren niet zo zwaar en die hebben we gehouden.

De poetshulp was hier en samen hebben we in het tuinhuis alles netjes opgeborgen. De tuinkussens in de hoezen gestopt, de stoelen binnengezet. De ligstoelen eveneens. De zware tafel mag gerust buiten blijven staan die kan tegen een stootje.

De grasmachine werd  netjes met een zeil ingepakt . Moest het nog een periode droog blijven dan komt de tuinman wel even langs om het gras nog eens af te rijden. Zelf zal ik met dat karweitje nog moeten wachten tot volgend voorjaar.

Op de rekken is alles opgeborgen wat nodig is om de tuin te onderhouden van materiaal tot meststof, sproeimiddelen tegen onkruid en de verzorging van planten en bloemen en groenten.

De tuin gaat in winterslaap. Baasje niet die bereidt zich al voor op de volgende lente. Alleen maar kijken in catalogi om te zien wat er volgend jaar voor nieuws kan gezaaid worden of aangeplant.

De Hulstboom

Ik heb wat foto’s gemaakt van de hulstboom in mijn tuin. Van klein plantje is die in de jaren uitgegroeid tot een grote boom. Ik denk dat die er toch al een 30 jaar staat. En ik las dat de boom zo’n 10 m hoog kan worden en gemiddeld 100 jaar oud. Hij heeft dus nog een flink aantal jaartjes te gaan.
Hulst is een symbolische plant vanwege zijn altijd groene verschijning. Volgens oud bijgeloof zou hulst bescherming bieden tegen blikseminslag en tegen vijandige machten zoals demonen en heksen. De boom stond er nog niet toen de bliksem in het begin we hier woonden op ons huis is gevallen. Gelukkig enkel materiele schade. Ik was thuis samen met de kinderen . Zo’n inslag vergeet je van je hele leven niet . Ik was bezig aan het aanrecht en werd door de keuken gesmeten. Een levensles: nooit met  water bezig zijn als het bliksemt !

De leerachtige bladeren van de hulst zijn getand en voorzien van stekels. Een wijd verbreid idee is dat alleen de onderste takken van een hulstboom stekels hebben, maar dit klopt niet, zelfs aan takken op grote hoogte  zijn stekels aan de bladeren te zien. De boom heeft lange slingerende takken daarom noem ik die ook “mijn slingerboom”. Alleen aan de toppen van die slingers hangen er bladeren en komen er rode bessen aan. De vogels zijn gek op de rode bessen , blijkbaar niet giftig voor hen,wel voor de mens.

Het is de enige boom in de tuin waar er altijd veel vogels in zitten van eksters, duiven, merels , en de kleinere vogeltjes als meesjes en laatst zag ik een roodborstje. Wellicht omdat de boom zo’n open zicht heeft door de weinige bladeren, dat zie je goed als je onder de boom staat.

 


Toen het nog een boompje was is er een zijtak afgezaagd. ( rechts een soort knobbel)

Veel en lange takken met op het uiteinde wat bladeren en bessen.

Als je onder de boom naar boven kijkt is het maar een kale bedoening.

Deze zomer bij de hitte dagen vielen de bladeren en de bessen zomaar op de grond. Ik heb dagelijks een emmer water gegeven en nu bedek ik de voet met snoeisel van bloemen die gemakkelijk verteren en een natuurlijke vorm van mest is. Telkens de bladeren en bessen massaal afvielen kwamen er telkens weer nieuwe bladeren en bessen aan. Taaie boom!

Hoewel het helemaal geen mooie boom is ,vind ik die zo speciaal !

Herfst

Nu merk je goed dat de herfst er is.  Stonden de bomen een week geleden nog mooi te wezen met hun kleurig bladerdak. Nu vallen de bladeren- vooral door de stevige wind -vlug af. Het weer is wisselvallig :  gisteren was het 18 ° vandaag is het  12 ° en volgens de meteo met een gevoelswaarde van 6°. Ik ben allang blij als het eens een dag niet regent maar dat is dikwijls ijdele hoop. Niet dat het continu regent of dat er stortregens  zijn maar geen dag gaat voorbij zonder nattigheid.
Vandaag was echter een dag zonder regen en de zon maakte er een aangename dag van! Het winteruur zorgt er voor dat het vroeger donker wordt en dat het tegen de avond vlug afkoelt..

Maar klagen moeten we zeker niet als je weet dat mijn Canadese familie al sneeuw heeft gekregen einde oktober. Eigenlijk was het voor hen ook een verrassing want het was al een hele tijd mooi weer.

Op een mooie dag zoals vandaag moet je echt naar buiten. Zo heb ik nog wat rozen kort gezet en de bladeren van de pioenen afgeknipt. Morgen nog het een en andere opkuisen. Er wordt dikwijls aangeraden om alles zo te laten maar op den duur is het een rommelige  boel in de tuin en uiteindelijk moet je toch alles afknippen. Ik verzamel alles op een plekje onder de hulstboom waar alle bladeren en takjes kunnen verteren. Gegarandeerd blijft er na de winter niet veel meer van over en op die manier heeft de hulstboom de nodige mest gekregen. Het is een oude en zelfs een lelijke boom  met lange takken hangend naar beneden. Ik noem het mijn slingerboom en de rode bessen worden door de vogels vlug opgegeten zodat de takken er wat kaal bij hangen. De boom staat er al zò lang en ik zou die graag nog lang willen houden. De meeste mensen vragen zich af welke boom het is. Durven wellicht niet zeggen ” lelijke boom ” 🙂  Nakomelingen zijn er al genoeg. Overal in de tuin vind je  jonge hulstboompjes. Morgen plaats ik hier een foto ervan.

De esdoorns in de straten rondom zijn zo mooi van kleur! Hier een straat waar er nog veel bladeren aan de bomen hangen. Voor mijn deur zijn ze al kaal.

Door de zachte temperaturen blijven planten bloeien en andere denken wellicht dat het al lente is. De geraniums blijven maar bloeien en de Oostindische kers begint er opnieuw aan!

De kardinaalsmuts doet zijn best met zijn rood-witte vruchtjes en de wilde aronskelk schiet overal uit de grond

Twee kleinbloemige chrysanten die aanvankelijk kleine plantjes waren in een bloemstukje ( en die ik op het graf van opa gezet had) zijn nu in de tuin uit de kluiten gegroeide planten geworden. De eerste was driekleurig en is driekleurig gebleven.

De vuurdoorn bloeit overweldigend maar de merels hebben de weg gevonden en op twee dagen tijd staat de struik al zoals op de tweede foto.

Nu de kerselaar gesnoeid is zie je het eten voor de koolmeesjes goed hangen. Merels proberen  in duikvlucht in de graanstaafjes te pikken maar dat lukt hen niet zo goed. Het graan op de grond vinden ze zeker niet goed genoeg!

De magnolia begint nu zijn gekleurde bladeren massaal te verliezen en de bloemknoppen voor volgend voorjaar zijn goed te zien.

Op een restant van een afgezaagde krulwilg groeit er mos en dat wit is wellicht een soort schimmel.

Stonden er eerst overal kleine paddenstoeltjes nu zie je hier en daar grote exemplaren.

De grote rozenstruiken zijn gesnoeid maar ik heb toch nog enkele bloemen kunnen afknippen.

Op een  dag zoals vandaag is het genieten van een zonnige herfstdag !

Gisteren hadden we geluk ….

…met het weer.
Zeker als je weet dat de tuinman met een extra hulp de tuin eens een flinke beurt zou geven. Met twee hebben ze vier uur doorgewerkt . De treurwilgen en de kerselaars netjes bij geknipt ,alle struiken weer in model gesneden, aan de achterkant de laurierhaag opgekuist. De vorige bewoners hadden niettegenstaande de mondelinge overeenkomst nooit iets aan de haag gedaan( de twee andere buren knippen de haag altijd bij en zo hebben zij ook een mooie afsluiting).
Zelf wilde ik ook niet achterblijven en ik heb in het tuinhuis alles weer netjes op orde gebracht en het kleine terras ervòòr mooi opgekuist. Moest ervan profiteren nu de tuinman alle rommel meenam ! Ik kan nu wel vertellen wat ik wil want ik heb mezelf niet op de foto gezet. Alleen kan ik wel zeggen dat het vandaag een rustdag is voor mij 🙂 . Eigenlijk niet moeilijk met zo’n druilerig weer de ganse dag.
De tuinman had al twee keer zijn komst moeten uitstellen wegens regenweer maar  gisteren was het ideaal  om in de tuin te werken en om zeker te zijn dat het allemaal in één keer aan de kant ging zijn , bracht hij een vriend mee. De tuinman zelf is niet meer zo erg jong maar die vriend  wel. Amaai die klauterde in de treurwilgen en beide bomen kregen een mooie korte hoed. De kerselaars werden netjes ontdaan van al de overtollige takken. Van de catalpa moesten ze blijven en ik lette daar ook op. Indertijd werd een mooie volgroeide catalpa per vergissing helemaal gesnoeid daar waar er een grote krulwilg moest afgezaagd worden. De bereidwillige buurman dacht dat die boom ook weg moest. Nu ” spaar ” ik al jaren voor een nieuwe catalpa nl een uitloper van de afgezaagde boom!
Ik vroeg aan de vriend of hij per gelegenheid ook eens de goot rondom het huis wilde reinigen. “Geen probleem dat doe ik seffens” . Tot mijn verbazing haalde hij een ladder uit de garage en begon de goot uit te ruimen. ” jij vraagt wij draaien” zei hij al lachend. Tot nu toe had ik niemand gevonden die dit werkje wilde doen. De zoon heeft hoogtevrees en de kleinzoons zagen het al helemaal niet zitten. “Oma zo’n hoge dakgoot”.

Toen ze in de late namiddag vertrokken met een aanhangwagen vol takken, bladeren en afval , heb ik hen vrolijk uitgezwaaid! Opgeruimd staat toch zo netjes hèhè !

 

Treurwilgen en kerselaars werden flink bijgeknipt.

Alle struiken werden gesnoeid of in vorm gesneden.

De goot werd gereinigd en de poetshulp deed niet onder. Zij gaf een rij ramen en rolluiken binnen en buiten een grote beurt.

Vandaag een regenachtige dag en ik heb eens een wandelingetje gemaakt rondom het huis. Ik zie zomaar dat alle planten ,struiken en bomen gelukkig zijn dat er serieus is opgekuist. Maar het zal ook wel meer komen omdat het de hele nacht heeft geregend en overdag aan het miezeren bleef!

De stokrozen heb ik kunnen redden door ze op te binden. De wind was een tijdje ongenadig. Een paar hortensia’s hadden het moeilijk niettegenstaande ik ze emmers water gaf. Maar nu lijken ze erdoor te komen.

De klokjesbloemen herpakken zich en de dagbloem begint opnieuw te bloeien. De begonia’s zijn overweldigend aan het bloeien.

De rozen bloeien allemaal voor de tweede en zelfs sommigen voor de derde keer. De reukerwten vormen een wolk van bloemetjes!

.

De agapantus heeft al één grote bloem ,de andere bloemen komen nog achter. Hij bloeit op zo’n immens lange stengel dat ik mijn hart  vast hou als er stormwind zou aankomen. Uitkijken of ik er een bamboestengel kan naast steken.

Een tuin is toch zo leuk want je ziet onafgebroken veranderingen ! Is de ene bloem uitgebloeid staat er al een andere struik of plant klaar om te bloeien. Als het weer niet te wispelturig is kan dat duren tot in de herfst. Ik hoop nog lang van mijn tuin te mogen genieten!

 

De kat uit de boom kijken!

De kat uit de boom kijken …of beter halen.
Toen ik eergisteren de krant uit de brievenbus ging halen (Ik  lees nog graag ‘ s morgens een papieren versie bij mijn ontbijt, anders wel digitaal) hoorde ik een klaaglijk gemiauw. Ik dacht de stem te herkennen van de poes die elke dag langskomt en al miauwend te verstaan geeft dat ze eten wil hebben ! Maar ik zag ze nergens . De stem begon alsmaar luider te klinken zodat ik toch rond keek of die niet ergens vast zat. Hoe meer ik ” poes poes” riep hoe meer ik “miauw miauw” hoorde.
Ineens kreeg ik haar in de gaten. Zat ze toch in de kruin van de treurwilg rondjes te draaien tussen de nieuwe slingers. De boom is in het najaar gesnoeid maar heeft al een flinke nieuwe kruin.
Terzelfdertijd hoorde ik het scherpe geluid van een merel die rond de kruin vloog. Aha dacht ik ,daar zit wellicht een nest met jonge mereltjes en is de poes daardoor de boom ingeklommen.
Vlug mijn gms gehaald en wat foto’s gemaakt . Poes bleef maar miauwen en de merel bleef maar “roepen” . Ik riep ook tegen de poes van  “alé alé ,kom nu maar uit die boom”
Na wat rondgelopen hebben op die kruin zag ik de slingers van treurwilg heftig heen en weer slingeren en zakte poes zich vastklemmend aan de schors van de boom naar beneden.
Oef ik dacht al straks moet ik een ladder uithalen om haar uit die kruin te halen.

Eenmaal terug op de begane grond kwam ze van tussen de struiken en luid miauwend kwam ze op me af.
Me achterna lopend bleef ze miauwen alsof ze wilde zeggen ” geef nu maar wat kattenbrokken na mijn prestatie”

…en nu oogsten!

Al het werk in de tuin wordt nu beloond. Aardbeien à volonté. Ik heb er reeds confituur van gemaakt.
En zoals je merkt staan er nog veel te plukken. Gelukkig is er door het minder warme weer een adempauze.
Anders rijpen ze massaal en behalve voor confituur wil ik er toch graag wat uit het vuistje eten.

Zo zagen ze er een tiental dagen geleden uit.

Veel potjes aardbeien hebben al een andere bestemming gekregen! Kinderen kwamen langs 😉

Een minitomaatplantje en die draagt nu ook zoveel heerlijke snoeptomaatjes.

Dit zijn bosaardbeien. Daar komen niet zoveel vruchten aan zoals bij een aardbeiplant maar het is een heerlijk vruchtje en door het mooie weer van de laatste weken bloeiden ze uitbundig  en verschijnen nu de vruchtjes!

Voor de andere groenten is het nu wel even wachten. Door de droogte- en niettegenstaande dagelijks begieten -blijven ze allemaal wat achter.

Tuin herinneringen 2

 

 

Hallo, kom het paadje maar op en aan de voordeur rechtsaf . Daar zie je op de derde foto een grote taxus staan die in het najaar een meter korter is gemaakt. Jaaaren geleden heb ik een drietal heel kleine plantjes meegekregen van de moeder van mijn vriendin die in Bocholt woonde ( beiden zijn helaas al een tijdje  gestorven).Eén plantje heeft het overleefd . Telkens ik op bezoek ging vroeg Bomi of de taxus groeide. Ja Bomi die groeit nog steeds! En die komt al zo hoog dat de tuinman al een serieuze ladder nodig had om die te snoeien.
Draai ter hoogte van de kerselaar( ook in het najaar gesnoeid en al flink terug uitgelopen)  maar naar links. De treurwilg op de hoek wil nu niet op de foto. De tuinman heeft  die in het najaar gekortwiekt! Loopt al ietsje uit maar toch geen mooi zicht.
Loop maar door naar achteren.

Of wil je liever aan de linkerkant naar de tuin achteraan? Ook goed. De buxusbol kreeg ik van mijn broer toen we dertig jaar getrouwd waren. Een klein bolletje in een bloempot. Op de foto zou je het niet zeggen maar het is een flinke bol geworden die al vele malen gesnoeid is. Méér dan 25 jaar oud en nog kerngezond! Overleefde al de buxusrups. Na de kleine bocht kom je aan mijn kleine groentetuin. Behalve veel water geven is er momenteel niet veel te doen . De aardbeien op het einde van het tuintje beginnen te rijpen .Veel aardbeien!
Dan kom je aan de achtertuin met links het tuinhuis. Het zwembad dient nog juist om het regenwater op te vangen . Na de wintermaanden staat die vol en als het nu niet gaat regenen zal die einde juni leeg zijn!!

De twee bovenste foto’s is het zicht vanuit mijn keuken. De twee onderste foto’s is het zicht dat ik heb vanop het terras. Daar kun je me bij goed weer aantreffen bij het ontbijt en de andere maaltijden. Ik leef bij goed weer praktisch buiten.

 

Het zicht wat ik heb vanaf het terras achteraan: rechts van me het tuinhuis met de rozen, links een hoekje met aronskelken en een mini appelboom, bosaardbeien ,geraniumstruik ,een fuchsiastruik, karmozijnplanten….
Schuin voor mij de Deutzia( Mizzd had gelijk deze struik is geen Weigelia)  en de Phlomis  planten.

Nog een paar plantjes om af te sluiten. Ik kan blijven doorgaan want nu is de bloeiperiode van veel bloemen die klaar staan om te bloeien. Het gaat allemaal veel te vlug  bij dit warme weer en ik haal het niet meer om alles  met de gieter water te geven. Ik moet ook kraanwater  gebruiken met een waterslang.
Ik heb een verzameling hosta’s staan die verschillende kleuren van blad hebben en die ook op verschillende manieren bloeien. De slakken houden zich gedeisd omdat ik rond de plant boomschors heb gelegd zowel in de bloempotten als in de volle grond.
De stokrozen zijn mijn dada. Vroeger in de grote tuin had ik ze in alle kleuren. Ik probeerde zoveel mogelijk zaadbollen te verzamelen van stokrozen die een andere bloemkleur hadden. Toen ik stopte in de grote tuin heb ik ze hier gezaaid maar met de jaren zijn  de planten gekruist en de meest speciale kleuren zijn verdwenen. Het voornaamste is dat ze groeien en bloeien. Geduld is nodig want het is een tweejarige plant dwz het eerste jaar is het een jonge lage plant en pas het tweede jaar gaat die de lucht in. Campanula hoog en lage zijn dankbare planten die rijkelijk bloeien en druk bezocht worden door bijen!
Ik kan het niet laten om nog een foto van de rozen die tegen de gevel van het tuinhuis groeien te plaatsen. In werkelijkheid nog mooier dan op de foto! Roze als die beginnen te bloeien en zwemend naar zacht wit in volle bloei!

Kom je mee op het terras om een kopje koffie te drinken!

tuin herinneringen 1

 

Wie wil er nu geen rozen in zijn tuin!  Hier groeien er verschillende soorten . In het begin was  het een beetje zoeken naar een geschikte roos  die het goed doet op zware rond zoals in mijn tuin of een geschikt plaatsje in de zon maar met schaduw aan de voetjes  door bv lage plantjes aan de voet te planten. Opa was dol op theehydride rozen. Prachtige rozen in alle kleuren meestal met 1 grote roos op één stengel en lekker geurend. Een paar winters strenge vorst na elkaar  overleven die niet. Eentje heeft het overleefd en is bijna twee meter hoog en op iedere stengel één grote roos. Ideaal om af te knippen en in een hoge smalle vaas te zetten. Meer dan een week houdbaar.Op de onderste collage als achtergrond de theeroos waarvan de struik twee meter hoog komt. Rechtsonder ook een minuskuul roosje dat een ferme struik is geworden!
Op de foto”s zijn het allemaal rozen die onverwoestbaar lijken. Die witte geurt  en op zelfde collage linksonder is een roosje dat ik eens kreeg  in zo’n minuskuul potje en dat meestal na korte tijd de geest geeft. Niets van ik heb die in de tuin geplant tussen bodembedekkers en het is nu een flinke struik geworden. Er staan rozen in de tuin die hier zeker al 30 jaar groeien zoals het witte exemplaar.

Maar aan de bijtjes is ook gedacht in de tuin. Twee staan er nu in bloei en het is een gezoem van allerlei bijen groot en klein : De vuurdoorn en de weigelia. En dan niet te vergeten de witte en blauwe campanula en het vingerhoedskruid.

De oudste zoon vroeg indertijd of hij een stukje van de tuin mocht gebruiken om er kruiden te zaaien, te planten en te kweken. Nu denken jullie aan de gewone huis- en tuinkruiden. Het ging veel verder. Op een bepaald ogenblik had hij een kast vol met gedroogde kruiden. Ik heb jaren nodig gehad om die kruiden ( die allemaal de eigenschap hebben om te woekeren) uit de tuin te krijgen. Op een paar na is het me gelukt. Er staat nog altijd een soort Anijs in de tuin. Vermoedelijk gekruist met Venkel. Overal duiken struiken op van Bernagie. Mijn broer  kwam de bloemetjes vroeger plukken om zijn gerechten ( hij was kok) mee te versieren. Je vindt ook peterseliewortel en daar doe ik niet eens de moeite voor om die weg te krijgen. De wortel is eetbaar en doet denken aan pastinaak . Maar ik vind de plant op zich mooi met zijn vederachtige bladeren . Het wordt ook een vergeten groente genoemd. Dat gele bloemetje is eetbaar en doet denken aan een soort chrysant. Ook die kwam mijn broer plukken.

De rabarberstruik kreeg ik mee van mijn moeder. Er zijn veel variëteiten maar deze is niet zo zuur. Mijn moeder is dertig jaar geleden gestorven maar haar rabarberstruik gaat nog altijd mee ( weliswaar regelmatig verjongd)
Ook de smeerwortel vind je in mijn tuin. Die is niet uit te roeien. Hij heeft een geneeskrachtige werking maar ik probeer dat zelf maar niet uit. Er stond indertijd ook groot en klein hoefblad. De gedroogde en geplette bladeren waren goed om er sigaretten mee te rollen. Hij kreeg opa zover dat hij sigarethulsjes kocht en die gedroogde en geplette bladeren daarin oprolde. Smaak was niet mis zei opa, maar de stank van de rook was niet te harden. Mooi geprobeerd van de zoon om opa te doen stoppen met roken 😉

En dan zijn er de planten die je krijgt of van een vakantie meebrengt. Het vingershoedskruid kreeg ik van Buurtje. Een eigenzinnige tweejaarlijks bloeiende plant. Waar die zich uitzaait moet je die laten bloeien. De karmozijn plant is ook zo een plant. Nu zijn de bloemkoppen nog wit maar straks zijn die karmozijn kleurig. Prachtig  van kleur. En de Phlomis is een dankbare plant want eenmaal de gele bloemetjes afvallen blijft de plan nog mooi met zijn zaaddozen. Mooi om in droogboeketten te verwerken.
De salomonszegel heb ik in een bos geplukt in Nadrin in het jaar dat mijn moeder stierf ( 30 jaar geleden) Een collega en zijn vrouw vroegen me mee  om een paar vakantiedagen( verlengd weekend) met hen door te brengen in hun vakantiewoning aldaar.  Ik was die dagen overwegend alleen thuis: Kinderen jobstudent en manlief aan het werk. Ik had een zware tijd achter de rug want mijn moeder was lang ziek geweest en in die tijd bestond omstandigheidsverlof nog niet. De salomonszegel bloeit elk opnieuw in de periode dat mijn moeder stierf.

Mijn vader hield enorm van de donkerpaarse petunia. Het is veruit de enige petunia die zo lekker geurt. Op zijn graf heb ik elk jaar donkerpaarse petunia’s gezet en ook elk jaar vul ik er een paar bloembakken mee .
Papavers ontbreken ook nooit. In de grote tuin  die ik vroeger had  groeiden er papavers in alle kleuren. De mooiste waren de donkerpaarse en de bloedrode niet deze zoals op de foto, maar wel dubbelgevulde zoals de roze op de andere foto.
Ik herinner me de tijd op de boerderij bij tante Regina en nonkel Clement. Hele velden maanzaad waren er rond de boerderij en toen de zaaddoosjes gevormd werden brak ik die open en at ervan. Ik vond dat zo lekker en ik eet nog altijd graag broodjes met maanzaad op. Maar toen tante dat in de gaten kreeg dat ik die rijpe zaaddoosjes openbrak om de zaadjes op te eten , kreeg ik nogal wat naar mijn hoofd. Dat mocht niet en ik zou in slaap vallen en ziek worden. Achteraf vernam ik dat  jonge moeders dikwijls een aftreksel van gekookte maanzaadjes aan schreiende babies gaven. Haha kleine kinderen aan de drugs( maanzaad bevat sporen van opiaten).

morgen nog een stukje tuin herinneringen en een kleine rondleiding.

 

 

Tuin herinneringen

Mijn tuin is een verhaal van een pril begin tot een volwassen heden. Als ik erin rondloop dan herinner ik me hoe die bloemen en planten hier zijn gekomen. Er hangen dikwijls verhalen aan vast.
Ik zal er enkele uitlichten:

Toen we de grond kochten om er een paar jaar later op te bouwen noemde de straat Manitobalaan. Bijster mooi vond ik het niet maar ja straatnamen benoem je zelf niet. Jaren later moest dochterlief een les leren en het ging oa over Manitoba ,de graanschuur van Canada. Ik vertelde haar toen dat de oorspronkelijke naam van de straat waar we woonden zo noemde, want door de fusie van vier deelgemeenten werd een andere naam aan onze straat gegeven omdat er in de deelgemeente Heist een Manitobaplein was . Daar woonden meer mensen dan in onze korte straat en het was gebruikelijk dat de naam behouden werd waar er meer inwoners woonden.
Wij kregen een andere naam en gezien het een nieuwe wijk was met heel wat nieuwe straten werd gekozen voor bloemen en bomennamen. Onze straat kreeg de bloemennaam Jasmijn. Zoals zovele mensen worden nogal dikwijls jasmijnen en seringen met elkaar verward. We kochten zogenaamd een  jasmijn als eerste struik/boom om in onze tuin te planten en wij niet alleen  in deze straat. Al de buren hebben een jasmijn in  hun tuin. Wat bleek al die jasmijnen struiken in de straat waren in feite seringen. Maar kom wie valt daar nu over,het was de intentie die telde hé !

De oorspronkelijke jasmijn(sering)  is er niet meer . Maar een uitloper van de allereerste staat nog in de tuin!

Een bevriend echtpaar van mijn ouders gaven me als welkomst cadeau in het nieuwe huis een ouderwetse rode pioen. Ik moest beloven dat ik goed voor deze bloem zou zorgen en gaven instructies hoe ik die blijvend moest verjongen. Het waren zo’n lieve mensen dat ik dat graag beloofde. Heden heb ik op verschillende plaatsen in de tuin een mooie struik staan. Met een pioen moet je wat geduld hebben en na enkele jaren bloeit die overdadig.

Van mijn broer kreeg ik een zalmkleurige en een roze pioen ( de kleuren zijn met de jaren bleker geworden) Mijn broer is op jonge leeftijd gestorven maar hij leeft verder in deze mooie pioenen en hij zou wat fier zijn moest hij die uitbundige bloei kunnen zien.

Toen we hier pas woonden kreeg ik van mijn moeder een  bloem die je  vroeger in alle voortuintjes zag staan.
Een gemakkelijke plant  als die maar in de zon staat en  die ook lang bloeit en een heerlijke geur verspreidt. Zij noemde ze “groveliers”.(=muurbloem). Jarenlang  groeiden en bloeiden ze langs één gevel van het huis. Toen bleven ze na een strenge winter weg. Een paar jaar geleden zag ik in een tuincenter muurbloemen. Ik heb er een paar potten gekocht en met wat geduld heb ik nu terug overal in de tuin “groveliers” staan. Dit jaar bloeiden ze erg vroeg en is hun bloei nu zachtjesaan aan het verminderen.

Er komt nog een vervolg 🙂

 

Een tuin is als een fotoalbum…

…Je ziet hoe het begon en hoe de tuin  verandert met de jaren tot het eindelijk een  tuin wordt zoals je het in gedachten had.
Er wordt geplant en verplant en weer verwijderd. Er worden ideetjes geprobeerd en uitgewerkt. Er worden successen geboekt en tegenslagen geïncasseerd. Je krijgt , ruilt en  koopt plantjes.

Opa en ik wilden geen tuin met tierelantijntjes. Niet een perkje van dit en iets verder een perkje van dat en op de achtergrond dan wat struiken die hoger waren. Ik wilde een “boerentuin” waar planten groeiden en er zich lekker voelden en als die een jaar later een meter verder weer bovenkwamen mochten blijven staan.
Opa wilde dan liever veel bomen en grote struiken. Hij vergat dat we op een afgebakend perceel gebouwd hadden en dat het hier niet zo uitgestrekt was zoals in zijn geboortestreek in Luxemburg.  Zijn zus bv woonde op een stuk grond met bomen en struiken en rotsen waar er behalve haar eigen woning later vier villa’s werden opgebouwd. Met ouder worden kon ze het onderhoud niet meer aan .

Op een bepaald ogenblik stonden er hier zoveel bomen dat het leek of we  in een bos woonden. Uiteindelijk werden er veel bomen gekapt ten eerste omdat die te groot werden en ten tweede omdat de takken op de dakpannen zwiepten als het stormde.
Leuk was  wel dat er gedurende de zomermaanden verschillende hangmatten tussen de bomen hingen. Tijdens de hitte van het fameuze jaar 1976 waarin het weken na elkaar zo warm was,  heb ik meerdere malen in zo’n hangmat (waar ik voor het comfort een tuinzetelkussen inlegde) geslapen. De kinderen sliepen zelfs in een tent in de tuin want de hitte zat binnenshuis ! De airco’s die toen verkocht werden brachten geen soelaas alleen kreeg je er verkoudheden van!

Als omheining was  opa begonnen met traag groeiende cipressen die  na relatieve korte tijd afstierven omdat die soort niet tegen de zilte zeelucht kon. Samen met een collega gingen ze kleine sparren halen bij een privaat persoon die naast zijn woning een honderdtal kleine sparren staan had. Die verkocht hij aan een prijsje omdat hij het stuk grond voor iets anders wilde gebruiken. Alleen wisten opa en de collega niet dat zo’n bomen jaarlijks rondom moesten losgespit worden voor een betere beworteling. En dat was niet gedaan. De sparren overleefden het niet.
De moed werd niet opgegeven en beiden trokken er weer op uit  : een hele rij abelen werden aangeplant. Die collega woonde in de abelendreef en vond het wel een leuk idee om die boom aan te planten.  Opa sprong mee op de kar en zo kregen we een hele rij jonge abelen. Die deden het uitstekend en het was ook een mooie boom maar… het is boom met broze takken en gezien er aan de kust dikwijls veel wind is lag de tuin na iedere storm vol met gebroken takken en meerdere bomen sneuvelden. Eén boom bleef voor het tuinhuis staan, een lage abeel  met veel stevige takken .Jaren de speelboom van de kinderen.
Uiteindelijk werd  na de cipressen, de sparren en de abelen als omheining rondom een laurierhaag geplant , die heeft tot nu de tijd doorstaan!
Dan vergeet ik nog de fruitbomen die er werden aangeplant : een pruimelaar, perelaar en een appelboom. Die jonge boompjes hebben eens een stormachtige winter niet overleefd. En dan vergeet ik nog de twee treurwilgen vooraan en achteraan. Daar wordt niet aangeraakt behalve om de vijf jaar een serieuze snoeibeurt. Bij veel buren in de straat staat er in hun tuin een treurwilg en ook zij behouden die machtige bomen.

Waren wij de enige die zoveel bomen hebben geplant? Wel nee, onze achterbuur had zoveel sparren geplant dat het leek of we uitzicht hadden op een sparrenbos! Tot onze spijt heeft hij ze na vele jaren allemaal omgezaagd. Ze werden te groot en gezien het wortelgestel van sparren niet diep zit is het gevaar van omvallen bij storm te groot. Maar ook onze overburen hadden veel sparren geplant en verder in de straat stonden en staan er ook zoveel sparren en andere bomen. Ze noemden onze straat wel eens “die straat waar er zoveel bomen staan. ”

Behalve bomen kwamen er ook veel bloemen in de tuin. Hoe die hier allemaal gekomen zijn vertel ik in een ander logje.